Boek
Nederlands

Een twee drie ten dans : een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem...

Eva Cox (auteur)
+1
Een twee drie ten dans : een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem...
×
Een twee drie ten dans : een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem... Een twee drie ten dans : een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem...

Een twee drie ten dans : een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem...

Waar poëzie toe in staat is, demonstreert Eva Cox in haar tweede bundel. In verhalen, liedjes en brieven laat ze de taal uitgelaten zingen en praten. een twee drie ten dans brengt een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem.
Titel
Een twee drie ten dans : een kleine stoet poëzie, (ultra)kort proza, vertalingen, pastiches, een duet voor één stem
Auteur
Eva Cox
Taal
Nederlands
Editie
2
Uitgever
Amsterdam: De Bezige Bij, 2010
[56] p.
ISBN
9789023437222 (paperback)

Besprekingen

Eva Cox debuteerde in 2004 met de bundel Pritt.stift.lippe, die meteen overal enthousiast werd opgemerkt. De dichteres maakte indruk door haar grote vormbeheersing, haar gevoel voor humor en voor het speelse in de lyriek. Sindsdien heeft Cox geduldig gewerkt aan een tweede, wat lijvigere bundel, die nu verschijnt bij een van de toonaangevende uitgevers in Nederland.

Een twee drie ten dans is een losse bundel, die blijk geeft van een bijzonder grote diversiteit. De titel lijkt daarop te wijzen, met de allusie op muziek en op het uitnodigen (in dit geval, van de lezer) op een soort van evenement. Ook in alle andere opzichten is grondig nagedacht over het concept, maar soms gaat dit bewust-ludieke, op het effect gerichte wel te ver. Zo is de bundel niet gewoon gepagineerd, maar vangt hij aan op pagina 137, waarna 273 etc. tot uiteindelijk 6571. Hetzelfde geldt ook voor de variatie waarop in de ondertitel van de bundel wordt gealludeerd: 'een kleine stoet poëzie, (ul…Lees verder
Dichteres Eva Cox (1970), welbekend van de slampodia, doet sterk denken aan surrealistische landgenoten als de schilders Magritte en Paul Delvaux. Droomachtige situaties en eigenzinnige woordcombinaties, waarbij ze het Vlaamse idioom niet schuwt, sturen dit dichterschap in hoge mate aan. Aldus ontstaat een amalgaam van eigen gedichten, pastiches, verhaaltjes en brieven. Typerend zijn ook "postmoderne" trekken als het wantrouwen tegen afgeronde gehelen (liever presenteert ze "brokstukken") en het afwijzen van "ordening" als een teken van pretentie. Ook verwijst ze,via de pastiche of via een uiterst persoonlijke vertaling, naar werk van andere dichters. Hoogtepunten daarvan zijn het indrukwekkende "Een ijsbeer" (Rilke) en het superleuke "De pinguin" (Gezelle): hier "verzint" Cox niet, ze "beleeft". Sommige gedichten overtuigen niet als "leesgedicht", daarvoor lijken ze te bedacht. Toch kan een gedreven voordracht deze poëzie leven inblazen.