Boek
Nederlands

De bramenpluk : gedichten

Miriam Van hee (auteur)

De bramenpluk : gedichten

Beheerst, subtiel, trefzeker: de poëtische ontdekking van de laatste jaren 'Dat zijn we. Schepsels die een heuvel opgaan.' Zo luidt het motto van Anne Carson dat Miriam van Hee meegeeft aan'De bramenpluk, de eerste bundel met nieuw werk sinds Achter de bergen uit 1996. Inmiddels behoort ze tot de meest geliefde dichters van Nederland en Vlaanderen, en wint haar werk ook over de taalgrenzen aan pop
Titel
De bramenpluk : gedichten
Auteur
Miriam Van hee
Taal
Nederlands
Uitgever
Amsterdam: De Bezige Bij, 2002
54 p.
ISBN
90-234-0114-X

Besprekingen

De nieuwe Myriam Van hee is er. Sommigen zullen juichen, anderen opnieuw vloeken. Men kan er inderdaad niet omheen dat de dichteres de jongste jaren het voorwerp is geworden van een clash tussen poëticale opvattingen. Haar werk wordt daarbij steevast als kleinmenselijk en burgerlijk-conservatief afgedaan en gecontrasteerd met de grotere ambities van de postmoderne beeldenstormers. Hoe dan ook, dat neemt niet weg dat er een groot publiek is dat nauwelijks een boodschap heeft aan lyriek die allereerst de demonstratie van een methode wil zijn en mede daarom kiest voor toegankelijke poëzie waarvan met name Van hee een vooraanstaand vertegenwoordiger vormt. Het zou trouwens naïef zijn om die oppositie al te zeer op de spits te drijven. Van hee doet -- en daarvan getuigt ze opnieuw met verve in haar jongste bundel -- gelukkig heel wat meer dan dagelijkse anekdotes beschrijven. Ze gaat, inderdaad op een bijzonder behoedzame wijze, om met die gegevens uit de werkelijkheid om ze allereerst tot…Lees verder
Amper drie jaar geleden verscheen een ruim overzicht van de poëzie van Miriam Van Hee (1952): 'Het verband tussen de dagen'*. 'De bramenpluk' toont nu overduidelijk aan dat zij geen koerswijziging zoekt. De gedichten, ditmaal in 4 afdelingen, gaan opnieuw uit van de waarneembare werkelijkheid en streven eerder naar diepte door een precieuze zegging dan door de thematiek (leven, liefde, angst en dood). Haar gedichten kun je omschrijven als filosofisch getinte verhaaltjes, sprookjes voor volwassenen. Op de beste momenten bereikt Van Hee een bezwerende toon die het betreffende vers een langere levensduur geeft: 'stilte was al ingetreden / toen wij stegen met dat lopen / dat een vorm van stilstaan is.' Subliem is juist dat 'stegen' dat haaks staat op 'stilstaan'. Ziehier in een notendop haar werkwijze. Deze kwaliteit is echter lang niet overal te vinden. Toch is Van Hee zover gevorderd dat een gedicht van haar hand ook onmiddellijk als zodanig is te herkennen. Zij heeft een eigen stijl en…Lees verder

Over Miriam Van hee

Miriam Van hee (Gent, 16 augustus 1952) is een Vlaamse dichteres en slaviste.

Miriam Van hee groeide op in Oostakker en Gent, waar ze slavistiek studeerde aan de Rijksuniversiteit Gent. Ze vertaalde poëzie van onder meer Anna Achmatova, Osip Mandelstam en Joseph Brodsky en doceert momenteel slavistiek aan het Hoger Instituut voor Vertalers en Tolken in Antwerpen. In 1978 debuteerde ze met haar bundel Het karige maal, waarmee ze de Oost-Vlaamse prijs voor Letterkunde won. Haar poëzie is vertaald in tien talen en ze is lid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Haar tiende bundel werd in 2017 bekroond met de Ultima voor Letteren.

Lees verder op Wikipedia